breien

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Breien.

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • brei·en
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
breien
breide
gebreid
zwak -d volledig

Werkwoord

breien

  1. (overgankelijk) een weefsel vervaardigen uit een gesponnen draad met behulp van twee of meer pennen
    Er wordt hard gebreid aan je trui.
  2. (onovergankelijk) (sport) eindeloos met de bal combineren zonder tot een goede aanval te komen.
  3. (wiskunde) een notatiefout bij rekenen. De fout bestaat er uit dat twee berekeningen met gelijktekens aan elkaar worden geplakt, terwijl er in feite niet elke keer sprake is van gelijkheid aan beide kanten van het teken.
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen