branding
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- bran·ding
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | branding | brandingen |
| verkleinwoord | brandinkje | brandinkjes |
Zelfstandig naamwoord
branding v
- het deel van de zee, dichtbij de kust, waar de golven breken