bovenaan

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bo·ven·aan

Bijwoord

bovenaan

  1. op de bovenste plaats van een rij
    Hij stond al enige tijd bovenaan in het puntenclassement.
Opmerkingen
  1. Verwar het bijwoord bovenaan niet met de uitdrukking boven aan; het bijwoord boven gevolgd door het voorzetsel aan.
    Boven aan de lijst prijkte zijn naam.