bouillon

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bouil·lon
enkelvoud meervoud
naamwoord bouillon bouillons
verkleinwoord bouillonnetje bouillonnetjes

Zelfstandig naamwoord

bouillon m

  1. een aftreksel van magere vleesresten, beenderen of vis
    Drink je je bouillon nog op?
Vertalingen


Deens

Woordafbreking
  • bouil·lon
Naar frequentie 112624

Zelfstandig naamwoord

bouillon, g

  1. bouillon


Frans

Uitspraak
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  bouillon     le bouillon     bouillons     les bouillons  

Zelfstandig naamwoord

bouillon m

  1. bouillon