bonjour

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bon·jour

Werkwoord

vervoeging van
bonjouren

bonjour

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bonjouren
    Ik bonjour.
  2. gebiedende wijs van bonjouren
    Bonjour!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bonjouren
    Bonjour je?


Frans

Tussenwerpsel

bonjour

  1. goedemorgen, goedendag
Uitdrukkingen en gezegden
  • simple comme bonjour
    • doodeenvoudig