bom
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Lettergrepen
- bom
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | bom | bommen |
| verkleinwoord | bommetje | bommetjes |
Zelfstandig naamwoord
- een vernietigingstuig dat gevuld is met explosieven.
- Er is recentelijk weer een bom op een Pakistaanse stad gegooid.
Vertalingen
1. een vernietigingstuig dat gevuld is met explosieven
Verwante begrippen
Portugees
Uitspraak
- IPA: /bõ/
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| mannelijk | bom | bons |
| vrouwelijk | boa | boas |
Bijvoeglijk naamwoord
bom

