boezem

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Woordafbreking
  • boe·zem
enkelvoud meervoud
naamwoord boezem boezems
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

boezem

  1. bovendeel van het voorlijf
  2. (waterstaat) waterloop die als verzamelbekken van het te spuien water van een polder dient
  3. de twee bovenste afdelingen van het hart
Synoniemen
1 bovendeel van het voorlijf
3 de twee bovenste afdelingen van het hart
Afgeleide begrippen
2 waterloop

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen