boete

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • boe·te
enkelvoud meervoud
naamwoord boete boeten, boetes
verkleinwoord boetetje boetetjes

Zelfstandig naamwoord

boete v/m

  1. een bedrag dat je moet betalen als je een overtreding hebt begaan
    Ik kreeg een boete omdat ik te hard reed met de auto.
Synoniemen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
boeten

boete

  1. aanvoegende wijs van boeten


Afrikaans

enkelvoud meervoud
naamwoord boete

Zelfstandig naamwoord

boete

  1. boete