bladder

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • blad·der
enkelvoud meervoud
naamwoord bladder bladders
verkleinwoord bladdertje bladdertjes

Zelfstandig naamwoord

bladder v (m)

  1. een luchtblaasje in een verflaag, of de daarvan loskomende verfschilfers
    Nu reeds begint de verf te bladderen en ligt de vloer vol bladders.
Verwante begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
bladderen

bladder

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bladderen
    Ik bladder.
  2. gebiedende wijs van bladderen
    Bladder!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bladderen
    Bladder je?
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen