biologisch

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bio·lo·gisch
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen biologisch biologischer meest biologisch
verbogen biologische biologischere meest biologische

Bijvoeglijk naamwoord

biologisch

  1. te maken hebbend met de biologie
    Een biologisch proces.
  2. van gelijke afstamming
    De biologische ouders.
  3. afkomstig van dier- en plantvriendelijke landbouw en veeteelt
    Een biologische maaltijd.
Antoniemen
Vertalingen