bijvoegen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- bij·voe·gen
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| bijvoegen |
voegde bij |
bijgevoegd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
bijvoegen
- (overgankelijk) als extra ergens aan toevoegen
- De voorzitter vroeg of ik de notulen van de vorige vergadering bij de uitnodiging wilde bijvoegen.