bezwaar
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- be·zwaar
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | bezwaar | bezwaren |
| verkleinwoord | bezwaartje | bezwaartjes |
Zelfstandig naamwoord
bezwaar o
- moeilijkheid, bedenking
- Zijn bezwaar werd direct behandeld en opgelost.
Vertalingen
1. moeilijkheid, bedenking
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| bezwaren |
bezwaar