bezuinigen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: bezuinigen (hulp, bestand)
- IPA: /bə'zʌʏniɣə(n)/
Woordafbreking
- be·zui·ni·gen
Woordherkomst en -opbouw
- Afgeleid van het Nederlandse bijvoeglijke naamwoord zuinig (spaarzaam) met het voorvoegsel be- en met het achtervoegsel -en.
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| bezuinigen /bə'zʌʏniɣə(n)/ |
bezuinigde /bə'zʌʏniɣdə/ |
bezuinigd /bə'zʌʏnixt/ |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
bezuinigen
- (inergatief) (economie) door zuinig met geld of iets anders om te gaan de uitgaven verminderen
- U kunt thuis veel energie bezuinigen.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Typische woordcombinaties
- bezuinigen op
- bezuinigen op de loonkosten
- drastisch bezuinigen
- fors bezuinigen
- op de uitgaven bezuinigen
- op het budget bezuinigen
- we moeten wat bezuinigen
Vertalingen
1. door zuinig met geld of iets anders om te gaan de uitgaven verminderen
bezuinigen op
|
bezuinigen op de loonkosten
|
drastisch bezuinigen
|
fors bezuinigen
|
op de uitgaven bezuinigen
|
op het budget bezuinigen
|
we moeten wat bezuinigen
|
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.