betweter

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bet·we·ter
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van een verkorte vorm van beter en weter.
enkelvoud meervoud
naamwoord betweter betweters
verkleinwoord betwetertje betwetertjes

Zelfstandig naamwoord

betweter m

  1. iemand die meent alles beter te weten dan anderen
    Hou toch op, je gedraagt je als een betweter.
Synoniemen
Vertalingen