bestempelen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- be·stem·pe·len
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| bestempelen |
bestempelde |
bestempeld |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
bestempelen
- (overgankelijk) ergens een stempel opzetten
- Die stukken waren duidelijk bestempeld met het officiële stempel "confidentieel".
- (overgankelijk) overdrachtelijk: iets of iemand -al of niet terecht- in een bepaalde categorie plaatsen
- Hij werd in dat programma als een mogelijke kandidaat bestempeld.