besprenkelen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- be·spren·ke·len
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| besprenkelen |
besprenkelde |
besprenkeld |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
besprenkelen
- (overgankelijk) druppels van een vloeistof ergens over strooien
- De planten werden besprenkeld met water.