beschouwen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: beschouwen (hulp, bestand)
Woordafbreking
- be·schou·wen
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| beschouwen |
beschouwde |
beschouwd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
beschouwen
- (overgankelijk) bekijken als
- Beschouw het als een enorme kans !
- (wederkerend) denken over
- Hij beschouwde zich als de ideale kandidaat.
- (overgankelijk) (arch.) aandachtig kijken naar
- Ze beschouwde het juweel in alle glorie.