beschadiging
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: beschadiging (hulp, bestand)
- IPA:
- (Noord-Nederland): /bə.ˈsχa.də.χɪŋ/
- (Vlaanderen, Brabant): /bə.ˈsxa.də.ɣɪŋ/
- (Limburg): /bə.ˈsxa.di.ɣɪŋ/
Woordafbreking
- be·scha·di·ging
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van beschadigen met het achtervoegsel -ing.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | beschadiging | beschadigingen |
| verkleinwoord | beschadigingetje | beschadigingetjes |
Zelfstandig naamwoord
beschadiging v
- aangebrachte schade
- Er zit een beschadiging op die oude foto, die digitaal verwijderd kan worden.
- het beschadigen van iets of iemand b.v. diens reputatie
- De beschadiging van deze politicus is in volle gang.