bergen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ber·gen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| bergen |
borg |
geborgen |
| Klasse 3 | volledig | |
Werkwoord
bergen
- het ergens plaatsen van iets om het te bewaren.
- Ik weet niet waar ik het bergen moet in mijn flatje.
- het in de haven brengen van een schip met problemen.
- Het wrak werd eindelijk geborgen.
- in veiligheid brengen.
Afgeleide begrippen
Vertalingen
2. In de haven brengen van een schip
3. In veiligheid brengen
Zelfstandig naamwoord
bergen mv
- naamwoord meervoud van berg
Vertalingen
Duits
Woordafbreking
- ber·gen
Werkwoord
bergen