berg

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
De berg Pico Ruivo op Madeira

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • berg
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord berg bergen
verkleinwoord (bergje) (bergjes)

Zelfstandig naamwoord

berg m

  1. een substantiële verhoging in het landschap
  2. (figuurlijk), (informeel) een grote hoeveelheid
    Een berg geld.
Synoniemen
Antoniemen
Meroniemen
Holoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
bergen

berg

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bergen
    Ik berg.
  2. gebiedende wijs van bergen
    Berg!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bergen
    Berg je?

Meer informatie

Verwijzingen
  1. Philippa M. e.a. Etymologisch Woordenboek van het Nederlands (2003-2009) AUP, Amsterdam ISBN 9053566538


Limburgs

Uitspraak
  • Geluid: Bestand bestaat nog niet. Aanmaken?
  • IPA:
    • (enkelvoud): /ˈbǽrx/ (Etsbergs)
    • (meervoud): /ˈbæ̀rx/ (Etsbergs)
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

berg m

  1. (Hooglimburgs) berg
  2. (Hooglimburgs) heuvel
  3. (Hooglimburgs) ophoging
  4. (Hooglimburgs) mesthoop
  5. (Hooglimburgs) gebergte
Verbuiging



Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • berg
Woordherkomst en -opbouw
Naar frequentie 7696
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   berg     berget     berg     berga
bergene  
genitief   bergs     bergets     bergs     berga
bergene  

Zelfstandig naamwoord

berg, o

  1. (aardrijkskunde) berg (verhoging)
  2. (geologie) bergondergrond
    «På to meters dyp støtte de på berg
    Op twee meter diepte stootte zij op de bergondergrond.
  3. (figuurlijk) berg (hoeveelheid)
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • [1]: her på berget
hier in de bergen (als geboortestreek)
  • [1]: over alle berg
uit de paardenpoten gekomen zijn
  • [1]: over berg og dal
over berg en dal
  • [2]: bygge på berg
op de bergondergrond bouwen
  • [3]: et berg av frukt
een berg vruchten
  • [3]: et berg av grønnsaker
een berg groenten

Zelfstandig naamwoord

berg, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van berg


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • berg
Woordherkomst en -opbouw
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   berg     berget     berg     berga  

Zelfstandig naamwoord

berg o

  1. (aardrijkskunde) berg (verhoging)
  2. (geologie) bergondergrond
  3. (figuurlijk) berg (hoeveelheid)
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Spreekwoorden
  • [1]: Tru kan flytte berg.
Geloof kan bergen verplaatsen.
Uitdrukkingen en gezegden
  • [3]: eit berg av mjølsekker
een berg meelzakken
  • [3]: eit berg av sild i sjøen
een berg van haringen in het meer

Zelfstandig naamwoord

berg, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van berg


Oudhoogduits

Woordherkomst en -opbouw
  • Zelfstandig naamwoord 1: afkomstig van de Germaanse zelfstandige naamwoorden *berga- en *bergaz, die van het Indo-Germaanse zelfstandige naamwoord *bʰerg̑ʰos komt
  • Zelfstandig naamwoord 2: Afkomstig van de Germaanse zelfstandige naamwoorden *berga- en *bergam, die van het Indo-Germaanse zelfstandige naamwoord *bʰerg̑ʰ- komt
 Zelfstandig naamwoord 1 in het Oudhoogduits:

Zelfstandig naamwoord

berg, m

  1. (aardrijkskunde) berg (verhoging)
  2. (geologie) bergspits, bergtop
  3. herberg, bescherming
Verbuiging
  • [1-2]: m (a), sterk
  • [3]: m (a), sterk
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • [2]: obanahtígér berg
bergspits, bergtop
Overerving en ontlening
 Zelfstandig naamwoord 2 in het Oudhoogduits:

Zelfstandig naamwoord

berg, o

  1. (aardrijkskunde) toevlucht
Verbuiging
  • o (a), sterk
Afgeleide begrippen


Oudnoors

Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

berg, o

  1. (aardrijkskunde) berg
Synoniemen
Overerving en ontlening


Zweeds

Uitspraak
Woordafbreking
  • berg
Woordherkomst en -opbouw
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   berg     berget     berg     bergen  
genitief   bergs     bergets     bergs     bergens  

Zelfstandig naamwoord

berg, o

  1. (aardrijkskunde) berg
Synoniemen

Zelfstandig naamwoord

berg, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van berg