belagen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·la·gen
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
belagen
belaagde
belaagd
zwak -d volledig

Werkwoord

belagen

  1. (overgankelijk) agressief zijn jegens iemand
    Hij werd aan alle kanten door zijn vijanden belaagd.
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen