bekende
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- be·ken·de
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | bekende | bekenden |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
bekende m
- een persoon waarvan je weet wie het is
- Ik heb het boek uitgeleend aan een bekende.
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen
Bijvoeglijk naamwoord
bekende
- verbogen vorm van de stellende trap van bekend
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| bekennen |
bekende
- enkelvoud verleden tijd van bekennen
- Ik bekende.
- Jij bekende.
- Hij, zij, het bekende.
- Ik bekende.