begrijpen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
| naamwoord van handeling | |
|---|---|
| zelfstandig | bijvoeglijk |
| begrijpen | begrijpend |
| begrip | begrepen |
| - | begrijpelijk |
Uitspraak
Woordafbreking
- be·grij·pen
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| begrijpen |
begreep |
begrepen |
| klasse 1 | volledig | |
Werkwoord
begrijpen
- (overgankelijk) met het verstand bevatten
- Hij begreep het pas na een lange uitleg.
Vertalingen
1. met het verstand bevatten