begeven

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·ge·ven
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
begeven
begaf
begeven
klasse 5 volledig

Werkwoord

begeven

  1. (wederkerend) zich ~: ergens heen gaan
    Zij begaven zich naar de abdij van Westminster.
  2. (inergatief) het ~: niet langer aan de druk weerstand kunnen bieden
    Een van de tentpalen begaf het en de tent stortte gedeeltelijk ineen.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen