beeldhouwen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • beeld·hou·wen
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
beeldhouwen
beeldhouwde
gebeeldhouwd
zwak -d volledig

Werkwoord

beeldhouwen

  1. (overgankelijk) uit steen een beeld vervaardigen
    Een scène uit het tweede bedrijf van dat stuk werd gebeeldhouwd om de voorgevel van het nieuwe theater te sieren.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen