beduiden

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·dui·den
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
beduiden
beduidde
beduid
zwak -d volledig

Werkwoord

beduiden

  1. (overgankelijk) ergens naar verwijzen
    Dat beduidde iets anders.
Synoniemen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen