bedrukken
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- be·druk·ken
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| bedrukken |
bedrukte |
bedrukt |
| zwak -t | volledig | |
Werkwoord
bedrukken
- (overgankelijk) een tekst of afbeelding op iets aanbrengen door een drukproces
- De etiketten worden daarna bedrukt met het logo en een inhoudsopgave.
- (overgankelijk) somber stemmen
- Het vreselijke nieuws bedrukte de hele familie.