bediening

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·die·ning
Woordherkomst en -opbouw
  • Naamwoord van handeling van bedienen met het achtervoegsel -ing.
enkelvoud meervoud
naamwoord bediening bedieningen
verkleinwoord bedieninkje bedieninkjes

Zelfstandig naamwoord

bediening v [1]

  1. de groep van personen die eten en of drinken brengen in een horecagelegenheid
    Mijn zus werkt in de bediening bij een chic restaurant.
  2. het bedienen van een apparaat
  3. ambt, post of kerkelijke functie
  4. het toedienen van de sacramenten der zieken, zalving
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. Woordenboek der Nederlandse taal