bedding

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
enkelvoud meervoud
naamwoord bedding beddingen
verkleinwoord beddinkje beddinkjes
Woordafbreking
  • bed·ding

Zelfstandig naamwoord

bedding v

  1. de uitholling in het landschap waarin een stroom of beek zich voortbeweegt
    De bedding van de Eufraat heeft zich in de oudheid verplaatst, waardoor sommige steden in de woestijn kwamen te liggen en verlaten werden.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen