bedankten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·dank·ten

Werkwoord

vervoeging van
bedanken

bedankten

  1. meervoud verleden tijd van bedanken
    Wij bedankten.
    Jullie bedankten.
    Zij bedankten.