balspel
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- bal·spel
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | balspel | balspelen |
| verkleinwoord | balspelletje | balspelletjes |
Zelfstandig naamwoord
balspel o
- (spel) een spel met een of meerdere ballen.
- Rugby en voetbal zijn ieder een vorm van een balspel.
Verwante begrippen
- sport
- balspelen: American Football, Australisch voetbal, basketbal, beachvolleybal, biljart, bossaball, bowling, bowls, brikken, cricket, croquet, cyclobal, floorball, Gaelic football, goalball, Golf, handbal, hockey, honkbal, horseball, hurling, ijshockey, jeu de boules, jianzi, kaatsen, kanopolo, kegelen, klootschieten, korfbal, krachtbal, lacrosse, pelota, pool, polo, rugby, Sepak Takraw, snooker, softbal, squash, tafeltennis, tennis, torball, trefbal, unihockey, voetbal, volleybal, vuistbal, waterpolo