bagatelle
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ba·ga·tel·le
Woordherkomst en -opbouw
- Via het Franse bagatelle en het Italiaanse bagattella van het Latijnse baca (bes).
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | bagatelle | bagatellen, bagatelles |
| verkleinwoord | bagatelletje | bagatelletjes |
Zelfstandig naamwoord
- een klein en licht muziekstuk
- Een bagatelle uit opus 126 van Beethoven.
- een kleinigheid, bagatel
- Ruzie over slechts een bagatelle.
Verwante begrippen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.