bagage
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ba·ga·ge
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | bagage | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
bagage v
- een verzameling van eigendommen
- De bagage van de reiziger paste maar net in de koffer.
- (figuurlijk) iets dat men voortdurend in zich meedraagt en ervaart
- Emotionele bagage.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. een verzameling van eigendommen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.