avond

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • avond
enkelvoud meervoud
naamwoord avond avonden
verkleinwoord avondje avondjes

Zelfstandig naamwoord

avond m

  1. (tijdrekening) de periode van de dag waarin het nacht wordt
    In de avond van 13 op 14 februari werd zij als vermist gemeld.
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen