automatisch

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • au·to·ma·tisch
stellend
onverbogen automatisch
verbogen automatische

Bijvoeglijk naamwoord

automatisch

  1. niet bestuurd door de hand van de mens.
    In dat gebouw staat een automatische machine te draaien.
  2. vanzelfgaand.
    Ik heb dit klusje al zo vaak gedaan, de uitvoering gaat automatisch.
  3. gedachteloos.
    Dat was een automatische reactie van hem op het probleem.
Vertalingen


Duits

Bijvoeglijk naamwoord

automatisch

  1. automatisch
Persoonlijke instellingen