automaat
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- au·to·maat
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | automaat | automaten |
| verkleinwoord | automaatje | automaatjes |
Zelfstandig naamwoord
automaat m
- een toestel dat, eenmaal in werking gezet, zonder verdere tussenkomst een aantal handelingen verricht