apart
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- apart
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | apart |
| verbogen | aparte |
| partitief | aparts |
Bijvoeglijk naamwoord
apart
- op zichzelf, afzonderlijk van het andere, afgezonderd, gescheiden
- Er is een apart WikiWoordenboek voor vele talen, maar zij zijn alle aan elkaar verbonden door interwikilinks.
- bijzonder, opmerkelijk, oorspronkelijk, origineel, exclusief
- Wat een apart jasje heb je aan!
- buitenissig, excentriek
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Anagrammen
Vertalingen
1. op zichzelf, afzonderlijk van het andere
2. bijzonder, opmerkelijk