annexeren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • an·nexe·ren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
annexeren
annexeerde
geannexeerd
zwak -d volledig

Werkwoord

annexeren

  1. (overgankelijk) het toeëigenen van een grondgebied
    Oostenrijk werd tijdens de Tweede Wereldoorlog door Duitsland geannexeerd.
  2. zich toe-eigenen
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl