amechtig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • amech·tig
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen amechtig amechtiger amechtigst
verbogen amechtige amechtigere amechtigste

Bijvoeglijk naamwoord

amechtig

  1. sterk hijgend
  2. kortademig.
  3. overdrachtelijk krampachtig, vertwijfeld
    Hij deed een amechtige poging zijn beschadigde imago weer wat op te poetsen.
Vertalingen
Afgeleide begrippen

Bijwoord

amechtig

  1. op amechtige wijze
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen