alvleesklier

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • al·vlees·klier
enkelvoud meervoud
naamwoord alvleesklier alvleesklieren
verkleinwoord (alvleeskliertje) (alvleeskliertjes)

Zelfstandig naamwoord

alvleesklier v/m

  1. (anatomie) een klier die enzymen afscheidt in de twaalfvingerige darm om de afbraak van zetmeel, vet en eiwitten te bevorderen
    Het erg is belangrijk dat de alvleesklier goed functioneert.
Synoniemen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen