afzonderlijk
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- af·zon·der·lijk
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van afzonderen met het achtervoegsel -lijk
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | afzonderlijk |
| verbogen | afzonderlijke |
Bijvoeglijk naamwoord
afzonderlijk
- op zichzelf staand