aftrek
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- af·trek
Zelfstandig naamwoord
aftrek m
- een bedrag dat ergens afgetrokken wordt.
- in getal verminderen.
Vertalingen
te controleren vertalingen
Werkwoord
aftrek
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd in een bijzin van aftrekken.