afdruk

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·druk
enkelvoud meervoud
naamwoord afdruk afdrukken
verkleinwoord afdrukje afdrukjes

Zelfstandig naamwoord

afdruk m

  1. resultaat van het afdrukken
    De afdruk was erg mooi geworden.
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
afdrukken

afdruk

  1. (in een bijzin) eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afdrukken
    ... dat ik afdruk.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen