adjunct
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ad·junct
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | adjunct | adjuncten |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
adjunct m
- ambtenaar of functionaris, aan een hogere toegevoegd om deze in zijn ambtsbezigheden bij te staan en bij afwezigheid te vervangen