achting
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ach·ting
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van achten met het achtervoegsel -ing
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | achting | - |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
achting v
- aanzien.
- De trainer is sterk gestegen in mijn achting.