achterwerk

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ach·ter·werk
enkelvoud meervoud
naamwoord achterwerk achterwerken
verkleinwoord achterwerkje achterwerkjes

Zelfstandig naamwoord

achterwerk o

  1. achterste deel
  2. zitvlak
  3. (scheepvaart) (verouderd) het houtsnijwerk dat de achtersteven van een schip sierde
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen