accent
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ac·cent
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | accent | accenten |
| verkleinwoord | accentje | accentjes |
Zelfstandig naamwoord
accent o
- de manier waarop iemand de klanken uitspreekt
- Zij heeft een West-Vlaams accent.
- een teken dat op een klinker kan worden geplaatst
- Er moet nog een accent op de letter e.
- de nadruk
- Het accent zal liggen op het ontslagrecht.
Vertalingen
1. de manier waarop iemand de klanken uitspreekt