abstraheert
Uit WikiWoordenboek
Nederlands
Woordafbreking
- ab·stra·heert
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| abstraheren |
abstraheert
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van abstraheren
- Jij abstraheert.
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van abstraheren
- Hij abstraheert.
- verouderde gebiedende wijs meervoud van abstraheren
- Abstraheert!