absoute

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ab·sou·te
enkelvoud meervoud
naamwoord absoute absoutes
verkleinwoord absoutje absoutjes

Zelfstandig naamwoord

absoute v/m

  1. een plechtigheid na een uitvaartmis waarin voor de overledene om kwijtschelding van straf wordt gebeden
    Kunt u mij vertellen wat een absoute is?