aborteert

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • abor·teert

Werkwoord

vervoeging van
aborteren

aborteert

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aborteren
    Jij aborteert.
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aborteren
    Hij aborteert.
  3. verouderde gebiedende wijs meervoud van aborteren
    Aborteert!